Maatschap Orthopedie Geldrop
St. Annaziekenhuis, Bogardeind 2, Geldrop Sitemap | Contact            
 Home orthopedie
 Contact / Afspraak maken
 Orthopedie in het St. Annaziekenhuis
 Specialisaties
 Patiënteninformatie
  - Wat is orthopedie?
  - Orthopedische aandoeningen
  - Folders
  - OrthoCare
  - Prestatie-gegevens
 Afspraak polikliniek
 Kenniscentrum
 Veel gestelde vragen
 Links
 Disclaimer
 Login medewerkers



Voor welke patiënten is orthopedie?

Orthopedie kan hulp bieden aan patienten van alle leeftijden: van pasgeborenen met een klompvoet tot en met patienten op zeer hoge leeftijd met een gebroken heup. Zolang het maar ziekten of blessures van spieren, botten of gewrichten betreft.

Heupklachten

Ernstige slijtage van de heup

Slijtage van de heup is een aandoening die veel mensen treft. De medische term hiervoor is coxarthrose van "arthrose" voor slijtage en "Cox" voor heup. Wanneer de slijtage ernstig is (dit is dan te zien op een röntgenfoto) en dit de patiënt veel klachten geeft, kan door de orthopeed een kunstheup worden geplaatst. Een dergelijk kunstgewricht wordt een prothese genoemd. Er zijn verschillende soorten prothesen. Een van de nieuwst prothesen die kan worden geplaatst is met de zogenaamde resurfacing techniek. Dit wordt ook wel de “fietsbelprothese”genoemd naar de gelijkenis met een fietsbel wanneer men de röntgenfoto bekijkt van een patiënt met een dergelijke prothese. Men spreekt ook wel van de sportheup omdat deze techniek meer bewegingen van het heupgewricht toe laat. In bijgaande video kunt u een opname van zien van een van onze orthopeden voor het programma chirurgenwerk van de AVRO. Klikt u hier om de video af te spelen.

De resultaten van deze prothese zijn uitstekend. Deze techniek werd eerder toegepast toen de technische ontwikkeling van de gebruikte materialen nog veel minder was dan nu. Destijds waren er dan ook relatief veel protheses die kapot gingen. Nu deze prothese met nieuwe materialen wordt toegepast lijkt dit echter helemaal ondervangen. De eerste wetenschappelijke onderzoeken laten goede resultaten zien waarbij is aangetoond dat de prothese niet vroegrtijdig kapot gaat.

Totale heupprothese
Wanneer de heupslijtage ernstig is en de orthopeed kiest niet voor het plaatsen van een resurfacing prothese (zie hierboven) dan zal een zogenaamde "totale heup prothese" worden geplaatst. Bij een totale heupprothese worden de kop en de kom van het heupgewricht vervangen. Met deze protheses heeft men al tientallen jaren ervaring en ze werken dan ook zeer goed. Uit onderzoek blijkt dat na 10 jaar nog 98% van de geplaatste prothesen op zijn plaats zit en goed functioneert. Een en ander is uiteraard wel afhankelijk van hoe de patient om gaat met zijn prothese. Een totale heup vervangt dan wel het natuurlijke gewricht, maar het gebruik van de heup ligt hiermee toch wel enigszins aan banden. Het is voor patienten met een dergelijke prothese bijvoorbeeld niet aan te raden om nog te gaan hardlopen of te gaan voetballen.

Matige heupslijtage 
Het kan zijn dat  uw heup slijtage vertoont maar dat de klachten nog niet zo ernstig zijn dat het plaatsen van een kunstheup nodig is. In dat geval kan de orthopeed u fysiotherapie voorschrijven. Ook kan met medicijnen de pijn tijdelijk worden tegengegaan.


Voet, enkel en onderbeenklachten

De meest voorkomende orthopedische aandoeningen van voet, enkel en onderbeen zijn botbreuken ("fracturen") van het onderbeen en verzwikken van de enkel. Maar ook de hallux valgus (naar buiten gerichte scheefstand van de grote teen) komt veel voor.

Hallux valgus

Hallux valgus komt meestal bij vrouwen voor en de oorzaak is onbekend. Deze kromming van de grote teen kan zeer pijnlijk en hinderlijk voor het dragen van schoenen worden waardoor het loopvermogen vermindert. Met een relatief weinig belastende operatie kan dit worden opgelost. Hieronder ziet u een schematische afbeelding van een hallux valgus met daarbij een pijnlijk gezwollen burs ("swollen bursa").

 


Knieklachten

Veel voorkomende aandoeningen van de knie zijn letsels van de meniscus en kruisbanden. Daarnaast komt arthrose veelvuldig voor. Jongeren kunnen te maken krijgen met het zogenaamde patello-femorale pijnsyndroom.

Meniscusletsel

In elke knie heeft u 2 menisci: 1 meniscus aan de buitenzijde (laterale) zijde van het kniegewricht en 1 meniscu aan de binnenzijde (mediaal) van het kniegewricht. Elke meniscus heeft de vorm van een partje sinaasappel en bestaat uit stevig kraakbeen. Door zijn vorm kan de meniscus helpen met het opvangen van schokbelastingen in het kniegewricht (bijvoorbeeld als je been neerkomt op de grond tijdens het (hard)lopen). Daarnaast zorgen de menisci er voor dat de knie soepel kan bewege, vooral buigen en strekken. Wanneer je nu met je volle gewicht een draaibeweging op 1 been maakt terwijl je voet stevig op de grond staat, heb je kans dat de meniscus wordt beschadigd (inscheurt). Deze beweging komt bijvoorbeeld bij voetbal veel voor. Hierdoor kun je dan je knie niet goed meer bewegen en kan je knie regelmatig "op slot" schieten: je krijgt je been dan niet meer verder recht of verder krom. Daarnaast treden pijnklachten op. De remedie is meestal een kijkoperatie. Op onderstaande figuur ziet u de menisci liggen: de knie is opengemaakt en u kijkt van bovenaf op het kniegewricht.



 

Voorste kruisband letsel

De kruisbanden, je hebt in elke knie een voorste en een achterste kruisband, zorgen er voor dat je knie stabiel is. Dat wil zeggen dat er geen overmatige speling op het gewricht is waardoor weefsels beschadigd zouden kunnen raken. Om je knie goed te kunnen laten werken, heb je dus goede kruisbanden nodig, zogenaamde "intacte kruisbanden". Intacte kruisbanden zijn in staat om grote krachten op het kniegewricht, bijvoorbeeld van een forse hoogte naar beneden springen, op te vangen. Als de krachten echter zodanig groot zijn dat zelfs je kruisbanden deze niet meer kunnen opvangen, dan is de kans groot dat je je kruisbanden beschadigd: ze scheuren in of zelfs helemaal door. Bijna altijd is het de voorste kruisband die kapot gaat en maar zelden de achterste kruisband. Hieronder staat een afbeelding van kruisbanden in het kniegewricht. Daarbij is 'femur' het bot van het bovenbeen en 'tibia' het bot van het onderbeen. ACL is de afkorting van de engelse naam van de voorste kruisband (Anterior Cruciate Ligament).


Een gescheurde voorste kruisband is een van de meest voorkomende sportblessures van het kniegewricht. Het is een ernstige blessure die altijd behandeld dient te worden omdat andere delen van het gewricht hierdoor ook beschadigd kunnen worden zoals de meniscus of het kraakbeen, wat op den duur weer kan leiden tot artrose. Hieronder staat een afbeelding van een gescheurde voorste kruisband.


Diagnose

De diagnose wordt gesteld op basis van de klachten van de patiënt (variërend van geen klachten, instabiel gevoel of door de knie gaan bij elke ongecontroleerde activiteit), het lichamelijk onderzoek (er is speling in de knie op te wekken) en eventueel MRI. onderzoek, waarbij de "zachte" weefsels van het lichaam goed in beeld komen. Eventueel kan een kijkoperatie verricht worden waarbij een eventuele bijkomende meniscusscheur behandeld kan worden.

Behandeling

Een spoedkijkoperatie is vaak niet nodig, een gescheurde voorste kruisband kan namelijk niet worden gehecht. Uitsluiten van een bijkomende blessure die wel snel behandeling vereist (zoals b.v. een botbreuk) is wel van belang.

De eerste dagen moet de knie gekoeld worden om de bloeduitstorting zoveel mogelijk te beperken. Hierna fysiotherapie om de normale bewegelijkheid terug te krijgen en de symptomen van de instabiliteit zoveel mogelijk te verminderen. Eén van de problemen bij een voorste kruisbandruptuur is dat kleine "proprioceptieve" zenuwuiteinden die eindigen in de kruisband ook scheuren. Deze zenuwen hebben als functie om de hersenen van informatie te voorzien over de stand van het lichaam in de ruimte. Een voorbeeld van de functie van dergelijke zenuwen is om met de vinger de neus aan te kunnen raken met de ogen dicht.
Een gewricht gebruikt deze zenuwen om de spieracties, die het gewricht goed laten werken, fijn af te stemmen. Een fysiotherapeutisch trainingsprogramma zal helpen bij het trainen van de herstellende zenuwuiteinden. Tevens zal het bepaalde spiergroepen weer aansterken, die het verlies aan stabiliteit zullen overnemen. Een kleine groep patiënten die uitsluitend bij sport last houdt, heeft soms baat bij een sport-/kniebrace.

Een nieuwe voorste kruisband


Operatie

Als de symptomen van instabiliteit niet verminderen met een brace of na een goed trainingsprogramma, dan kan een operatie uitkomst bieden. Afhankelijk van de sportkeuze van patiënt, het al of niet hebben van knielend werk en de eventuele knieklachten van voor de blessure wordt een keuze gemaakt tussen de eerder genoemde pezen. Oppervlakkige sneetjes worden gemaakt om het gekozen stukje pees te oogsten. Studies hebben uitgewezen dat deze twee pezen verwijderd kunnen worden zonder dat de kracht van het been wordt aangetast. Het kniegewricht zelf wordt niet geopend. De arthroscoop wordt gebruikt voor de werkzaamheden in de knie. Eerst worden de resten van de oude band verwijderd. Hierna wordt de ruimte centraal in het kniegewricht vergroot om schuren van de nieuwe band te voorkomen, om het bandje op exact de goede plek te kunnen plaatsen en om met het nieuwe bandje geen bewegingsbeperking van de knie te veroorzaken. Dit heet de notchplastiek. Hierna worden er gaten in onder- en bovenbeen geboord waarbij eerst via proefboringen de optimale plek wordt gezocht. De pees wordt door de boorgaten getrokken en beiderzijds vastgezet met schroeven of een pennetje.


De meeste patiënten moeten een nacht in het ziekenhuis blijven, maar soms kan met dezelfde dag nog naar huis. De dag van de operatie is een rustdag. U blijft in bed en krijgt geen fysiotherapie. De eerste dag na de operatie gaat het verband eraf, onder leiding van de fysiotherapeut oefent u het been in buigen en strekken, u leert de bovenbeenspier aan te trekken en leert lopen met elleboogkrukken. Hierna kunt u naar huis. De revalidatie neemt meerdere maanden in beslag.

De nieuwe band moet ingroeien en de knie moet goed gaan bewegen. Hierbij is snel na ontslag uit het ziekenhuis starten met fysiotherapie noodzakelijk. Sporthervatting is belangrijk, knieblessuregevoelige sporten echter pas na ¾ jaar.

Complicaties
De kans op ernstige complicaties is bijna nihil.

  • Een bloeduitstorting ontwikkelt vrijwel iedereen. Dit lost vanzelf op.
  • Wegens de kleine kans op trombose worden op indicatie (pilgebruik, trombose in de voorgeschiedenis) bloedverdunnende medicijnen gedurende 6 weken gegeven.
  • Pijn op de donorplaats aan de voorzijde van de knie bij knielen komt zelden voor, maar kan soms tot 1 jaar na de operatie aanhouden.
  • Infectie komt vrijwel niet meer voor sinds eenmalig antibiotica wordt gegeven.
  • Beperkt bewegen van de knie door littekenvorming in de revalidatie: als dit gebeurt, volgt een korte ziekenhuisopname, waarbij onder verdoving de knie wordt doorbewogen en in het ziekenhuis op een "motorslede" wordt nabehandeld.
  • Zelden komt het voor dat het lichaam de nieuwe band niet "accepteert"; eigenlijk wordt dit alleen soms gezien boven de 50-jarige leeftijd.


Matige slijtage van de knie

Naast medicijnen en fysiotherapie kunt u ook behandeld worden met hyaluronzuur indien u slijtage (arthrose) van uw kniegewricht hebt. Dit middel is geen geneesmiddel maar een hulpmiddel dat op kunstmatige wijze de natuurlijke smering van uw kniegewricht ondersteunt.

 

© 2006 Maatschap Orthopedie St. Anna Ziekenhuis Geldrop  -  site implementatie: Websnap